Mestrecepten van prominente leden en vaklieden

Mestrecepten van prominente leden en vaklieden

Naast de praktische informatie die is opgenomen in de rozenbulletins, staat hieronder een bloemlezing van diverse ervaringsdeskundigen over hun mestadvies. Een heel divers gezelschap dat ook nog eens op zeer verschillende grondsoorten tuiniert.

Rozenkwekerij De Bierkreek

Het mesten van rozen is natuurlijk veel beschreven, er zijn veel recepten in omloop.
De Bierkreek vindt dat in al die ‘recepten’ wel een kern van waarheid zit. Tot voor kort verkochten wij onze klanten de rozenmest van DCM of de rozenmest van ECOstyle als goed alternatief voor mensen die niet zelf met kruiwagens koeienpoep in de weer willen gaan. Want, laten we eerlijk wezen, kunstmest is ook voor rozen funest. Natuurlijk, ze groeien er wel van, maar een roos heeft zoveel meer nodig. Met alleen kunstmest in de vorm van stikstof, kali en fosfor, kom je er niet. Dierlijke, of organische mest, heeft al die geheimzinnige mineralen natuurlijk wel in zich. Het advies aan de klant begint meestal met een gesprekje. Hoe doen de andere planten het op die plek, wat groeit er goed, wat niet, is het er droog, is het er nat? Schaduw, zon? Als u probleemloze rozen heeft op een plek waar ze het ogenschijnlijk goed doen, kan men wat mij betreft gewoon netjes twee keer per jaar bijmesten met een goede koemestkorrel. Het gaat erom dat je terug geeft aan de aarde wat je er uit haalt. We krijgen regelmatig klanten die, zeggen: “we komen een perk rozen vervangen, ze hebben het jaren goed gedaan, maar de laatste jaren was het flut, de rozen zijn versleten”. Ik durf erom te wedden dat in de meeste van die gevallen de bodem gewoon uitgeput is. Er is te weinig, of in de verkeerde verhoudingen gemest. De laatste paar jaar kreeg ik toch wat moeite met de kant-en-klare rozenmest. Het product was niet slecht, maar er waren zoveel mensen die net in een iets andere situatie zaten. Kleigrond heeft behoefte aan een andere mest samenstelling dan zandgrond, veengrond heeft weer andere behoeftes. Verder is het voorjaar een heel ander seizoen dan de vroege zomer. In het voorjaar heeft de roos meer behoefte aan stikstof, in de zomer aan kalium. Er zijn altijd uitzonderingen, andere gronden en moeilijke situaties.
Daarom zijn we vorig jaar gestart met ons ‘mest op maat’ programma. Door goed te luisteren naar de klant, stellen we de mest samen op maat. We hebben vijf standaard mengsels voor het voorjaar en vijf voor de vroege zomer. Voor een paar soorten, vooral de ouderwetse rozen, bijvoorbeeld de alba’s maken we nog een najaarsbemesting, indien gewenst. Alles altijd indien nodig. Op deze manier hebben we dus elf mengsels voor elf verschillende situaties. Komt de klant er nog niet uit, dan maken we de mest echt op maat. Een gedegen grondonderzoek wijst uit hoeveel van welke stoffen er toegevoegd moeten worden. Onze mest bestaat uit verschillende ingrediënten waarbij bijvoorbeeld Bentoniet voor zandgrond een belangrijke stof is. Bentoniet is een natuurlijke natrium-kleisoort met hele kleine deeltjes die de grond meer waterdicht kan maken. Voor meststoffen op kleigrond verwerken wij weer lavameel in de meststoffen. Verder proberen we de mest altijd te enten met bacteriën en schimmels. In een bodem zonder leven, kun je bemesten zoveel je wilt, daar groeit toch niets op. We raden ook altijd aan om voor het planten ‘iets’ aan de grond te doen. Natuurlijk hoeft dat niet als de klant geweldig goede tuingrond heeft liggen, maar een beetje verbetering, kan soms geen kwaad. De vochthuishouding kan er bijvoorbeeld door verbeteren. Compost is een prima middel om de luchtigheid, hoeveelheid humus en vochtvasthoudendheid te vergroten; soms verlaagt humus de vochtvasthoudendheid ook, bijvoorbeeld op kleigrond.
Hans van Hage, rozenkwekerij De Bierkreek

Rosarium Boskoop

De bemesting in ons park is niet zo spannend. De bodem bestaat uit veengrond, die goed een flinke bemesting verdraagt. Elk voorjaar, gelijktijdig met het snoeien aarden wij de rozen aan met een grote hoeveelheid verteerde stalmest, vermengd met Drentse veengrond, waardoor de perken zo’n 10 cm opgehoogd worden. In juni, voor/tijdens de eerste bloeiperiode krijgen de rozen een gift met NPK 12- 10-18 (12 % stikstof, 10% fosfor en 18% kalium). Wanneer je de bemesting goed op peil houdt hebben de rozen minder last van ziektes. Ook voor de rozen geldt, wanneer ze niet voldoende te eten krijgen worden ze ziek; het zijn net mensen.
Rien Vurens, coördinator rosarium Boskoop

Klapzand

Mijn rozen staan op echte zandgrond, wat natuurlijk een schrikbeeld is voor elke rozenliefhebber, maar met een beetje aandacht voor de bemesting lukt het uitstekend.
In de late herfst gaat er een royale laag oude verteerde koe- of paardenmest met compost bij de rozen. Eventueel pas ik nog een kalkbemesting toe. In het voorjaar krijgen de rozen Kieseriet (magnesium) en beendermeel (fosfaat), en spaarzaam wat NPK 12- 10-18. Na de eerste bloei krijgen de rozen nog vloeibare rozenmest. Na half augustus geef ik de rozen geen mest meer.
Heinz Nouwens

Grondsoort: zware klei

In november worden de rozen wat teruggesnoeid. In februari/maart volgt de echte voorjaarssnoei en wordt het oude blad verwijderd. Daarna volgt de eerste gewasbescherming op en rond de gesnoeide struik. Vervolgens wordt de grond rond de struik een beetje opengetrokken en ruim bemest met gedroogde koemest en een handje landbouwkalk per struik. In april/mei krijgen de rozen een kunstmestgift met NPK 12- 10- 18, samen met een handje kieseriet (MgO 26%) of patentkali (30% K2O, 10% MgO). Hetzelfde recept wordt herhaald in eind juni, begin juli, voor de tweede bloei. Daarna wordt er niet meer bemest. De klimrozen en ramblers krijgen een royalere bemesting. De rozen in potten worden vaker bemest in kleinere hoeveelheden en voorzien van voldoende water. Omdat onze grond zeer vruchtbaar is sla ik wel eens een jaar over wat betreft de gedroogde koemest.
Henk Eschbach

Komklei

Onze grond in het centrum van Nederland is komklei – synoniemen knipklei en blauwe klei – die door de overstromingen van de Kromme Rijn in vroeger eeuwen is afgezet. Wij wonen op een kleine 2 km van dit riviertje, wat betekent dat bij ons de allerkleinste deeltjes pas neergeslagen zijn. De klei is dus heel dicht en zwaar te bewerken. Op de landbouwschool leerden de jongens 50 jaar geleden dat er geen zwaardere klei in Nederland bestaat dan die in Langbroek. Onder de klei is, op een diepte die grillig varieert van 50 tot wel 200 cm, zand en in de klei heen zie je soms strepen veen. Veel mensen denken dat klei altijd kalkrijk is, maar onze klei is licht zuur. Vooral ’s winters is de grondwaterstand hier hoog. Bij het planten van rozen meng ik de grond in het plantgat met zand, compost en potgrond. Bij het planten strooi ik nu al drie jaar mycorrhizae op de wortels. Ik plant nogal diep, altijd met de oculatieplaats zeker 5 cm onder het oppervlak. Bij het planten gebruik ik geen mest om de wortels te laten ‘zoeken’ en de rozen dus diep wortelen. Pas een jaar na het planten geef ik voor het eerst mest. Begin april geef ik mijn rozen organische rozenmest van ECOstyle. Dat is een mengsel van kort- en langwerkende mest. De lage rozen volgens de gebruiksaanwijzing en de hoge, forse heesterrozen en de klimrozen twee of drie keer zo veel. Dat laatste doe ik zonder enige onderbouwing, zo maar. Ik vraag me wel eens af of een rambler van 5-8 m hoog en 3-4 m breed eigenlijk niet meer moet hebben, maar ze doen het prima, dus het zal wel voldoende zijn. Hoe groot zou het wortelstelsel van zo’n kanjer zijn? Als ik tijd heb en er regen wordt verwacht, krijgen ze in juni nog een keer een wat kleinere gift. De rozen op eigen wortels en degenen waarvan ik bottels wil zien, krijgen om het jaar eind augustus of begin september een handje patenkali. Dit om de winterhardheid te bevorderen en de bottelgroei te stimuleren. Toen ik dat vroeger niet deed, had ik nauwelijks bottels en nu enorm veel. Ik heb ervaren dat die kali ook stimulerend werkt op de vorming van wortelscheuten, dus de geoculeerde rozen waar ik geen bottels aan wil hebben, krijgen geen kali meer. Ik denk wel eens dat ik misschien wat kalk moet geven in het oudere gedeelte van de tuin, maar het testen en kalken is er tot nu toe bij ingeschoten. In de 25 jaar dat ik in deze tuin met rozen tuinier, heb ik een keer of vier een flinke portie goed verteerde stalmest opgebracht in de winter. Een paar keer heb ik in die periode de hele tuin een laagje compost gegeven, maar meestal krijgt ongeveer een vijfde van mijn rozen elk jaar een beetje compost omdat ik niet meer heb. Die compost werk ik wel wat in de grond, om te voorkomen dat de rozen te hoog wortels maken en daardoor vorstgevoelig worden. Er zijn beslist veel plaatsen waar de rozen er beter bij staan, al was het maar omdat de grond daar meer geschikt is, maar ik ben met dit regime en het resultaat op onze moeilijke grond tevreden. Nieuwe rozen heuvel ik de eerste winter aan, de rest niet. Er is in al die jaren maar een enkele keer een roos doodgegaan. Daarvan herinner ik me alleen Rosa arvensis, R. ‘Souvenir de la Malmaison’ en R. ‘Penelope’. Op een paar R. ‘New Dawn’ na, staan alle rozen van het eerste uur, die nu meer dan twintig jaar oud zijn, er nog goed bij.
Ien Hempenius

Vroeger een duingebied – duingrond! / Bemestingsrooster Westbroekpark, Den Haag/Scheveningen

Omdat het natuurlijk buitengewoon arme grond is voor rozen zijn wij eigenlijk het hele jaar rond bezig met bodemverbetering en bemesting. In december beginnen wij met het opbrengen van zo’n 2 m³ per 100 m² organische mest vermengd met Drentse veencompost. In februari/maart wordt er Patentkali gestrooid in de hoeveelheid van 3 kg per 100 m². Vervolgens strooien wij eind april 2 kg per 100 m² KAS- kalkammonsalpeter 27 % bij de rozen. Zowel in juni alsook in augustus wordt er korrelmest NPK 12- 10- 18 uitgestrooid; ongeveer 3 kg per 100 m². Extra voor het proefveld voor de nieuwe aanplant met een oppervlakte van ca. 400 m²: 12 m³ tuinturf en 12 m³ gemalen stalmest. Bij constatering van slechte groei gebruiken wij Kristalon blauw: 19- 6- 20 + 3 MgO.
Ed Vreeken, tuinbaas Westbroekpark

Zware grond

Ik zit op de zware rivierklei wat als nadeel heeft dat de grond moeilijk te bewerken is, maar het grote voordeel is natuurlijk dat de grond goed het vocht en de voeding vasthoudt. Wanneer bij een droge periode de toplaag er gebarsten uitziet en het onkruid er letterlijk afgeschraapt moet worden, ziet het er op een halve spa diepte nog prachtig uit. De rozen wortelen daardoor niet diep maar breeduit, wat mij meteen een goed excuus geeft om niet in het najaar eens stevig de boel om te gaan spaden, want dat zou mijn fraaie bodemsymbiose maar verstoren; tenminste dat maak ik mijzelf wijs. De zuurgraad van de bodem is wel goed, op één hoek na en daar gaat dan om de paar jaar wat kalk bij. Mijn bemestingsschema is al jaren hetzelfde en waarschijnlijk conservatief, maar dat past bij mij. Vroeg in het najaar, wanneer de grond nog enigszins warm is gaat er gedroogde koemest eventueel met compost bij de rozen. Helaas is het door alle moderne drijfmestsystemen bijna onmogelijk om aan uitgewerkte stalmest te komen. In het voorjaar, direct na het snoeien krijgen alle rozen kunstmest en wel Phostrogen NPK  14% – 10% – 27%, waarin ook nog magnesium (Mg 2,5%),  zwavel (S 7,5%) en spore elementen, zoals ijzer en mangaan zit. Door het hoge percentage kalium in deze mest is het niet nodig om ook nog eens patentkali te gebruiken. De mest kan zowel in poedervorm (met maatschepje) als opgelost in water gebruikt worden. Dit ritueel herhaal ik begin juli, maar dan voornamelijk bij de door/herbloeiende rozen. Nieuwe rozen worden gedipt in de Rootgrow (Mycorrhiza’s) en krijgen de rest van het jaar geen mest meer. De rozen in potten krijgen in de zomer elke veertien dagen Phostrogen met de gieter. Natuurlijk is bemesten belangrijk, maar de weersomstandigheden in het voorjaar spelen ook een belangrijke rol; ik hoop altijd dat de nachten koel blijven, want dan kunnen de takken mooi afrijpen. Gelukkig is het weer gratis en hoef ik daar tenminste niet over na te denken.
Els de Krijger

Een stukje schrijven over rozenbemesting?

Dat wordt niet een pasklaar antwoord. Er zijn schrijvers die precies lijken te weten hoe het moet. Ik niet. Ik aarzel. Eigenlijk probeer ik ieder jaar wel weer wat anders uit. Compost, koemestkorrels, een grote zak kunstmest die eigenlijk voor de akkerbouw bestemd is, kostbare doosjes met speciale korrels waarop een mooie bloemenfoto afgebeeld staat, kieseriet, vloeibare mest… Ik heb de afgelopen jaren al heel wat uitgeprobeerd. De tuin van mijn ouders en de tuin die ik in Hoogezand had bestond uit schrale zandgrond. Zwarte, verteerde compost leek in die situaties wel een toverwoord. Er zijn dure, draaiende trommels te koop die beloven dat ik binnen twee weken compost krijg uit het maaisel en de bladeren die ik er in zou gooien. Ook de groene compostvaten met een klepje lijken in de folders veelbelovend. Ik heb me wel eens afgevraagd hoe men dat klepje weer dicht krijgt wanneer de onderste compost er uit gehaald is. Mijn eigen compostbulten in de tuin doen er meestal wel een jaar of vier over voordat ik het rulle, zwarte goud voor mijn rozen er uit kan graven. Rozen doen het goed op compost. De heuveltjes compost aan de voet van de rozen ruimde ik in het voorjaar nooit op, maar spreidde het hooguit iets uit met mijn vingers. Daarnaast gaf ik mijn rozen in het voorjaar en een keer in de zomer korrels mest. Toen ik daarna naar Kropswolde verhuisde trof ik zwarte grond aan. Dit moest wel een rozenparadijsje worden. Ik probeerde mijn rozen uit op verschillende plekken in de tuin en de resultaten waren erg verschillend. Mijn zwarte grond bleek later veengrond te zijn. Dat had ik eerst niet herkend omdat dit veel fijner is dan de grove stukken turf uit de zakken tuinaarde van een tuincentrum. Nu na een paar jaar ben ik er achter dat rozen niet zo gek op veengrond zijn. Compost opbrengen heeft hier geen enkel nut, behalve dan voor het op hoogte houden van de tuin. Mijn hortensia’s doen het hier overigens wel geweldig. Ik merkte dat de rozen in plantgaten met potgrond het goed doen en tot mijn stomme verbazing deden de rozen het in de bloembakken op het terras nog het best. De conclusie die ik heb getrokken is eigenlijk dat ik het beste zand met mestkorrels kan toevoegen aan mijn veen om tot een mengsel te komen dat lijkt op potgrond. Een aantal keren bemesten in het seizoen is belangrijk, maar het maakt eigenlijk niet zoveel uit met wat voor middel. De middelen hebben alleen wel verschillende inwerktijden. Korrels duurt langer dan vloeibaar en moet dus eerder toegediend worden. Ik doe een handvol rondom de plant en wroet er dan even met mijn vingers doorheen zodat er grond overheen komt. Vloeibaar kan nog op het moment dat de rozen in volle bloei staan omdat het direct opgenomen wordt. Dan loop ik met mijn gieter ‘s avonds langs de rozen. Hoeveel water ik moet toevoegen staat wel op de fles. Verder heb ik geleerd dat ik totaal verschillende rozen moet uitproberen om te testen of een plekje geschikt is of niet omdat rozen erg kunnen verschillen qua eigenschappen. ‘Fritz Nobis’ en ‘Celsiana’ doen het in het vochtige, zure veen nog steeds heel erg goed, terwijl‘Evelyn’ op onderstam het zelfs op de achteraf idealere, zanderige grond niet deed en ik dus verkeerde conclusies trok over een geschikte rozenstandplaats in het algemeen. ‘Evelyn’ op eigen wortel doet het echter weer wel in het veen. Ik heb inmiddels mijn rozen verplaatst naar de meer zanderige gedeelten in mijn tuin en hoop dat ze volgend seizoen nog mooier zullen zijn.
Marnix Bakker www.stekelroos.nl

Rosarium Winschoten

Sinds zeven jaar werken wij in het Rosarium te Winschoten volledig biologisch, zowel de bespuiting tegen ziekten en plagen als ook het bemesten.  In de wintermaanden aarden wij de rozen niet meer aan, het was in de eerste plaats een arbeidsintensieve taak en je beschadigde teveel de wortels en de oculatie. Wij hebben toen besloten om in plaats hiervan de rozen om de twee tot driejaar te gaan bemesten met een grof verteerde compost. In deze compost zat verteerd groenafval van een composteer bedrijf; het materiaal was grof dat wil zeggen dat er fijn tak materiaal in zit met grof verteerd groen afval ( compost); dit geeft voor de grond een prima structuur verbetering (meer bodemleven). Er wordt meestal in de winter een laag van ongeveer 10 cm aangebracht, dit heeft als voordeel dat de oculatie voor bijna drie jaar bedekt blijft dus minder kans op bevriezing. In het voorjaar wordt de mest nadat de rozen gesnoeid zijn met een handcultivator door de grond heen gewerkt. Na twee tot drie jaar is de grond dusdanig ingeklonken en wordt er weer compost aangebracht. Overigens wordt er wel regelmatig grond onderzoek gedaan om overbemesting te voorkomen. In de maanden april/mei wordt er Ecofertiel gestrooid, dit is een organische meststof en is afkomstig van de firma ECOstyle. Hierin zit o.a. stikstof (weinig), volledig organisch gebonden en komt voort uit vedermeel, vinasse en zeewier, 3% fosforzuur anhydride, kalium oxide komt uit vinasse (bijproduct van de bio ethanolproductie), 65% organische stof en een klein percentage gedroogde organische zeewier. De hoeveelheid die we strooien is afhankelijk naar wat de behoefte is. In juli/ augustus wordt meestal nog een Ecofertiel bemesting uitgevoerd, ook dan is de hoeveelheid afhankelijk van de behoefte. Als extra bemesting wordt er nog kieseriet (26 % MgO) gestrooid, maar door onze biologische bespuiting komen er ook plant versterkende middelen op de rozen, zoals vital, algeco, bitterzout, ook allemaal middelen van ECOstyle, (zie Rozenbulletin 145 pag. 22, november 2008). Voor meer informatie kunt u terecht bij:
E. Reinders, coördinator rosarium te Winschoten

De bemesting en biologische verzorging van rozen in de Tuinen in Demen

In de Tuinen in Demen staan ruim 800 rozen. Zo is er een oranje rozentuin, een rozerode rozentuin, een witte tuin en een 40 meter lange berceau die met rozen is beplant. Het is een relatief jonge tuin die door steeds meer liefhebbers wordt ontdekt. Veel bezoekers vragen hoe we de rozen toch zo mooi krijgen. Inderdaad zien ze er gezond uit, met mooi blad en veel bloemen gedurende lange tijd. We koesteren onze schoonheden en omringen ze met zorg. Rozen zijn Bourgondiërs: geef ze lekker eten en ze stralen van genot. We werken uitsluitend met biologische meststoffen van het merk Xardin. Biologisch tuinieren is veilig tuinieren, veilig voor de grond, de planten en jezelf. Het is ook duurzaam. Werken aan een goede bodem en goede bodemstructuur geeft niet alleen op korte termijn goede resultaten. Uiteindelijk gaat het toch om die resultaten. We starten in het voorjaar met een gift Bodemactief, niet alleen bij de rozen maar in alle borders en over al het gazon. Hiervoor gebruiken we 2,5 kilo per 100 vierkante meter. De behoorlijk zware kleigrond waarop wij werken, vormde een slecht drainerende bodem en was aanvankelijk vrijwel onbewerkbaar. De micro-organismen, bacteriën, zeewier en gisten waar bodemactief uit bestaat, maakten in de loop van enkele seizoenen de grond meer kruimelig, voor ons fijner te bewerken en voor beplanting een veel beter uitgangspunt. Daarna wordt Xardin Rozenmest gestrooid en licht ingewerkt. De NPK-waarde 7-5-12 + 4MgO zorgt voor een rustige groei. De kali zorgt voor stevig blad en magnesium voor meer kleur. Kwaliteitsvoedsel voor fijnproevers. Op plaatsen waar de rozen tussen vaste planten staan, wordt bemest met de meer universele Bordermest met een NPK-waarde van 7-7-8 + 2 MgO. Ook hierbij ligt de nadruk op een rustige groei en gezonde, weerbare planten. We geven de rozenmest niet te vroeg, begin april, in de hoop en veronderstelling dat daardoor de rozen op hun mooist zijn tijdens onze rozendag die we elk jaar half juni houden. Natuurlijk laat de bloei zich niet leiden door onze agenda maar we proberen het! Rond half juni bespuiten we de rozen met Korect. Het is een bladmeststof met zeer lage voedingswaarde maar vooral bedoeld als preventieve behandeling tegen schimmels. Er zit namelijk silicium in, wat zorgt voor goede verharding van het blad. Daardoor kunnen schimmels minder snel binnendringen. Na de eerste bloei, zo eind juni, wordt de mestgift herhaald om herbloei te stimuleren. Per jaar strooien we dus twee maal met organische meststof. Klei houdt vocht en voedingstoffen lang vast terwijl die in zand snel weg gespoeld worden. Op zandgronden is het daarom aan te bevelen de dosis bemesting over meerdere giften te verdelen en na een regenperiode te strooien. Zo, nu kent iedereen ons geheim! We delen dit geheim graag want het is een genot om gezonde en rijk bloeiende rozen te zien.
Sommige winkelketens voeren een enigszins conservatief inkoopbeleid waardoor een nieuw merk niet zo snel op de schappen te vinden is. De adressen waar Xardin verkrijgbaar is, staan op de site www.xardin.nl. (Mocht er geen adres bij u in de buurt zijn, dan kunt u ook via internet bestellen in de webshop van www.tuinkenner.nl
Martje van den Bosch